Juryrapport
Op initiatief van de Commissie Pilotprojecten deed het Fonds BKVB in het voorjaar van 2006 een oproep voor Intendanten Culturele Diversiteit. Het wilde een impuls geven aan de culturele diversiteit van de hedendaagse kunsten in Nederland. Bovendien wilde het zichtbaar maken wat er op dit terrein leeft in de kunsten, welke ambities er zijn en hoe het Fonds BKVB hier, ook op beleidsmatig niveau, op in zou kunnen spelen.
In de oproep stonden verschillende criteria waaraan de intendant culturele diversiteit moest voldoen. De intendant moest projecten kunnen aanjagen; de discussie over de aard en betekenis van het onderwerp uitlokken; deze in een artistiek/maatschappelijk kader kunnen plaatsen; nieuwe samenwerkingsverbanden tot stand brengen tussen de verschillende culturele circuits; en expertise en ervaring hebben op het gebied van culturele diversiteit.
De jury heeft tijdens haar beraadslagingen deze criteria gehanteerd vanuit de volgende vragen: Hoe is de vraag naar culturele diversiteit begrepen? Hoe is deze ingezet? Wat kan het betekenen? en Op welke wijze wordt de continuïteit gewaarborgd?
De jury herkende in de aanmeldingen een aantal categorieën en inhoudelijke tendensen. Een deel van de voorstellen zette in op de vrije rol als intendant, waarbij men vanuit een herkenbare rol in het veld en/of visie op het onderwerp wilde opereren als bemiddelaar, aanjager, regisseur, facilitator. Vervolgens waren er - en dat betrof de meerderheid van de inzendingen - voorstellen die zich bezighielden met een specifiek project. Als derde categorie golden de onderzoeksgerichte plannen. In inhoudelijke zin viel op dat veel inzendingen zich bezighielden met het stedelijke of urbane karakter van het onderwerp culturele diversiteit. Een deel van de plannen begreep culturele diversiteit als een expliciet internationale dan wel een nadrukkelijk lokale kwestie. Het nationale perspectief was minder aan de orde. Binnen het onderwerp was verder een duidelijke kentering te zien van multiculturaliteit naar interculturaliteit. Op de vraag hoe met diversiteit, migratie en integratie om te gaan werd in veel gevallen de kwaliteit van de monocultuur benadrukt.
De discussie rondom het begrip kwaliteit, toegankelijkheid en afkomst kwam terug in de plannen. De nieuwe generatie spreekt een andere taal, en een intendant zal dus, zoals Guilly Koster het stelde, ´talen moeten spreken: spreektaal, wartaal, voertaal en moerstaal´. In het verlengde hiervan zetten veel aanvragen in op de artistieke of creatieve en procesmatige kwaliteit van kunst en kunstenaars. Soheila Najand verwoordde het als volgt: ´kunstenaars zijn in staat een substantiële bijdrage te leveren aan de acceptatie van diversiteit´ en aan een betere cohesie tussen culturen. Veel plannen waren vervolgens gericht op het her-denken van, of reflecteren op de eigen rol en verantwoordelijkheid. Kunst wordt gezien als een productieve plek van waaruit onderzocht kan worden wat de verschillende schakeringen zijn van bijvoorbeeld het vraagstuk identiteit. Participerende kunstenaars zijn daarbij, beter dan bijvoorbeeld wetenschappers of journalisten, in staat om te bevragen zonder meteen antwoord te willen geven, ze zijn open en in onderhandeling met verschillen.
Onderzoek en uitwisseling gaan in de meeste plannen samen met multi-(of inter)disciplinariteit. Men stapt uit het besloten domein van de kunsten en legt de verbinding met historische, sociale, politieke en maatschappelijke kwesties. Met overtuiging wordt bevestigd dat het onderwerp culturele diversiteit een door de politiek opgelegd idee is, maar dat het tevens voortkomt uit de kunst. De smalende houding dat culturele diversiteit alleen maar een politiek correct onderwerp is, wordt door weinig plannen ingenomen. Bij een aantal voorstellen, en dat brengt ons bij de uiteindelijk geselecteerde plannen, onderkende de jury een aantal specifieke kwaliteiten. Naast het feit dat de gekozen plannen betuttelend noch pretentieus zijn, maar de dialoog aangaan, bestaande kaders willen openbreken, een sterk internationale ´scope´ hebben, de mogelijkheid tot integratie in brede zin benaderen en daarbij de kwaliteiten van culturele diversiteit beklemtonen, is het vooral de praktijkgedachte die relevant wordt geacht. De overtuiging van de jury is dat de praktijk van interculturaliteit inhoudt dat je tot een meer radicale notie hiervan moet komen. Het aangaan van samenwerkingsverbanden, het actief inzetten van culturele uitwisseling in stedelijke vernieuwingsprocessen of het feitelijke werkproces - het creëren van nieuw werk; het heeft de mogelijkheid om, anders dan ´rapportmatig´ onderzoek, het imaginaire en concrete samen te brengen.
De jury heeft op basis van het bovenstaande een aantal voorstellen gehonoreerd, die elk op geheel eigen wijze een waardevolle en uitzonderlijke bijdrage kunnen leveren aan de culturele diversiteit binnen de kunsten.
Binna Choi en Kyongfa Che
De jury karakteriseert het plan als een ´diamond in the rock´. Zij waardeert het streven om de dagelijkse jachtige praktijk van de ene tentoonstelling naar de andere, te vervangen door een meer geconcentreerd en gradueel onderzoek naar de rol van curatoren tussen verschillende culturen: ´embarking on curatorial ethics in trans-cultural communication´. Naar idee van de jury is dit waar het om draait binnen de mogelijkheden en de problematiek van kunst binnen andere culturen.
Voor wie verder kijkt dan ´flash art´ zijn er gelukkig ook curatoren en kunstenaars die voor langere tijd een soort dubbel of driedubbel leven leiden binnen verschillende culturen, en die komen tot vragen en twijfels in plaats van sensatie beluste antwoorden. Het plan van Choi en Che raakt aan de problematiek van het intercultureel communiceren dat een historische en inmiddels academische variant heeft. Dit heeft zich ontwikkeld via het bedrijfsleven voordat de wetenschap zich er over boog, en inmiddels zijn er allerlei modellen die teruggaan op een kleine serie basiswaarden waarvan de verschillende interpretaties het verschil met andere culturen maakt. De kunstwereld is zich nog niet voldoende bewust van deze wetenschap en het is de hoogste tijd voor een kruisbestuiving. Binna Choi begeeft zich met haar project binnen een spontaan groeiend internationaal web van jonge curatoren die het interculturele bestaan bewust leven. Er groeit daar kennis die mogelijkerwijs van groot belang is voor de toekomst, maar waar we momenteel nog niet echt aan kunnen komen omdat het veld nog gedomineerd wordt door een andere generatie. Het project onderzoekt hoe kunst reageert op de noodzaak van politieke participatie, in een tijdperk dat steeds meer als ´gedepolitiseerd´ getypeerd kan worden. Het wil de huidige sociale en culturele omstandigheden in zekere zin diagnostiseren én verbeelden, en heeft de mogelijkheid de hedendaagse kunsten te mobiliseren.
Atousa Bandeh Ghiasabadi
Bandeh Ghiasabadi weet volgens de jury op een overtuigende en krachtige manier haar persoonlijke achtergrond en ervaringen te koppelen aan een aantal fundamentele vragen. In hoeverre is kunst een universele taal die onafhankelijk van het individuele begrepen kan worden? En in hoeverre is identiteit te toetsen aan vorm en inhoud van de manier van expressie? Bandeh Ghiasabadi maakt de manier waarop zij de wereld ziet de sleutel tot het maken van kunst. Het onderzoek kan zicht bieden op de rol die de kennis van de context waarin het kunstwerk tot stand is gekomen speelt en leiden tot een herdefinitie van wat een allochtone kunstenaar is. Het onderzoek is naar idee van de jury waardevol omdat het vanuit de kunstenaarspraktijk de dilemma´s en confrontaties van de ´vreemdeling´ als inspiratiebron inzichtelijk kan maken, alsmede de manier waarop een kunstwerk begrepen wordt en verklaringen op zichzelf een nieuwe inhoud creëren.
Jeanne van Heeswijk en Dennis Kaspori
De jury vindt het plan kansrijk, zowel goed in opzet als uitwerking, en daarnaast helder doordacht en onderbouwd. De jury waardeert de ambitie om cultuur in te zetten voor stadsvernieuwing. Van Heeswijk en Kaspori gebruiken terecht het culturele kapitaal en culturele differentiatie als instrumenten voor - ook sociale en economische - revitalisering van een gemeenschap. De jury deelt de analyse van Van Heeswijk en Kaspori dat publicaties zoals ´the Rise of the Creative Class´ van Richard Florida eenzijdig het belang van culturele voorzieningen en culturele productie voor een levendige en welvarende stad benadrukken. In het voorstel van Van Heeswijk en Kaspori wordt de vraag naar culturele uitwisseling breder geformuleerd en ingezet in zowel het stedelijke vernieuwingsproces als dat van de integratie van allochtonen. De kracht van Freehouse is dat het een model is waarin onderwijs en werk de basis vormt voor het stimuleren van het culturele zelfbewustzijn. Het erkent de rol van ´buitenstaanders´ aan de cultuur in algemene zin en reikt hen middelen aan om hieraan actief deel te nemen. Zij worden aangetrokken op hun specifieke kwaliteiten en vaardigheden en leren deze in te zetten in een proces dat gericht is op het creëren van een levendig publiek domein. Het project is gedacht vanuit de basis maar overstijgt het lokale karakter doordat het nieuwe, universele, vormen van werken ontwikkelt en omdat het culturele productie koppelt aan de kracht van verschillende culturele gemeenschappen. Het project is goed ingebed in zowel de wijk, als in de politieke en internationale context. Gezien de bewezen professionaliteit en effectiviteit van de organisatoren verwacht de jury veel van het project.
Ergün Erkoçu/CONCEPT0031
CONCEPT0031 heeft bewezen relevante onderwerpen als moskee-architectuur, asielzoekerscentra en straatcultuur onderwerp van debat te kunnen maken en als architectopgave op de kaart te zetten. Ze weet bovendien de nieuwe generatie (´Gonnabeez´) te betrekken in de architectuurwereld. De denktank NewDutİh, bestaande uit architecten, ontwerpers en kunstenaars, wordt door de jury gezien als een goede manier om op basis van een analyse van de stedenbouw en architectuur in Nederland, gevraagd en ongevraagd aanbevelingen te doen en projecten te initiëren die zowel artistiek, informatief, educatief, als politiek-maatschappelijk van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van het publiek domein. Interessant is onder meer te onderzoeken hoe de culturele immigratie in Nederland en de nieuwe generatie jonge architecten het culturele discours van de architectuur zullen gaan bepalen.
Michael Tedja, Remy Jungerman en Gillion Grantsaan
De jury is onder de indruk van het ´autobiografische´ gehalte van de aanvraag. Tedja, Jungerman en Grantsaan vragen zich af: ´Welke rol kunnen drie geëmancipeerde zonen verwekt in een neokoloniaal verleden vervullen in een maatschappij doordrenkt met een obsessie voor overheersing?´ Naar hun idee staat niet minder dan het recht tot medezeggenschap over de inhoud van de Nederlandse identiteit, kunst en cultuur in het algemeen op het spel. De overtuiging, stelligheid, en kritische houding van de uitgangspunten, gekoppeld aan de frisheid en praktijkgerichte aanpak maken het project naar mening van de jury meer dan het ondersteunen waard.
Eline van der Vlist en Abdellah Karoum
Deze curatoren willen zich richten op het duurzaam ontwikkelen van kunstprojecten tussen Nederland en Marokko. De jury is het eens met het belang dat door de curatoren gehecht wordt aan de zichtbaarheid in Nederland van het eigentijdse kunstklimaat in Marokko. Het hedendaagse culturele klimaat in Marokko is scherp en ontwikkeld genoeg - voorbij stereotypen of folklorisme - om het gebrek aan kennis tussen ´oost´ en ´west´ te overbruggen. Het plan geeft Marokkaanse kunstenaars een kans hun werk in internationaal verband te laten zien, omgekeerd is het van belang dat de Marokkokaanse cultuur wordt opengesteld voor (jonge) kunstenaars uit Nederland. De jury vindt het plan spannend omdat het gedacht is vanuit een interdisciplinaire aanpak, waarbij verschillende vormen van artistieke expressie worden samengebracht in het publieke domein. Het project infiltreert in de stedelijke ruimte, die wordt getransformeerd tot een open en imaginaire plek, een plek van ontmoetingen en hernieuwde kennismaking. De inhoudelijke kracht van het plan, gekoppeld aan de heldere uitgangspunten en beoogde continuïteit van de uitwisseling vindt de jury overtuigend.
In de oproep stonden verschillende criteria waaraan de intendant culturele diversiteit moest voldoen. De intendant moest projecten kunnen aanjagen; de discussie over de aard en betekenis van het onderwerp uitlokken; deze in een artistiek/maatschappelijk kader kunnen plaatsen; nieuwe samenwerkingsverbanden tot stand brengen tussen de verschillende culturele circuits; en expertise en ervaring hebben op het gebied van culturele diversiteit.
De jury heeft tijdens haar beraadslagingen deze criteria gehanteerd vanuit de volgende vragen: Hoe is de vraag naar culturele diversiteit begrepen? Hoe is deze ingezet? Wat kan het betekenen? en Op welke wijze wordt de continuïteit gewaarborgd?
De jury herkende in de aanmeldingen een aantal categorieën en inhoudelijke tendensen. Een deel van de voorstellen zette in op de vrije rol als intendant, waarbij men vanuit een herkenbare rol in het veld en/of visie op het onderwerp wilde opereren als bemiddelaar, aanjager, regisseur, facilitator. Vervolgens waren er - en dat betrof de meerderheid van de inzendingen - voorstellen die zich bezighielden met een specifiek project. Als derde categorie golden de onderzoeksgerichte plannen. In inhoudelijke zin viel op dat veel inzendingen zich bezighielden met het stedelijke of urbane karakter van het onderwerp culturele diversiteit. Een deel van de plannen begreep culturele diversiteit als een expliciet internationale dan wel een nadrukkelijk lokale kwestie. Het nationale perspectief was minder aan de orde. Binnen het onderwerp was verder een duidelijke kentering te zien van multiculturaliteit naar interculturaliteit. Op de vraag hoe met diversiteit, migratie en integratie om te gaan werd in veel gevallen de kwaliteit van de monocultuur benadrukt.
De discussie rondom het begrip kwaliteit, toegankelijkheid en afkomst kwam terug in de plannen. De nieuwe generatie spreekt een andere taal, en een intendant zal dus, zoals Guilly Koster het stelde, ´talen moeten spreken: spreektaal, wartaal, voertaal en moerstaal´. In het verlengde hiervan zetten veel aanvragen in op de artistieke of creatieve en procesmatige kwaliteit van kunst en kunstenaars. Soheila Najand verwoordde het als volgt: ´kunstenaars zijn in staat een substantiële bijdrage te leveren aan de acceptatie van diversiteit´ en aan een betere cohesie tussen culturen. Veel plannen waren vervolgens gericht op het her-denken van, of reflecteren op de eigen rol en verantwoordelijkheid. Kunst wordt gezien als een productieve plek van waaruit onderzocht kan worden wat de verschillende schakeringen zijn van bijvoorbeeld het vraagstuk identiteit. Participerende kunstenaars zijn daarbij, beter dan bijvoorbeeld wetenschappers of journalisten, in staat om te bevragen zonder meteen antwoord te willen geven, ze zijn open en in onderhandeling met verschillen.
Onderzoek en uitwisseling gaan in de meeste plannen samen met multi-(of inter)disciplinariteit. Men stapt uit het besloten domein van de kunsten en legt de verbinding met historische, sociale, politieke en maatschappelijke kwesties. Met overtuiging wordt bevestigd dat het onderwerp culturele diversiteit een door de politiek opgelegd idee is, maar dat het tevens voortkomt uit de kunst. De smalende houding dat culturele diversiteit alleen maar een politiek correct onderwerp is, wordt door weinig plannen ingenomen. Bij een aantal voorstellen, en dat brengt ons bij de uiteindelijk geselecteerde plannen, onderkende de jury een aantal specifieke kwaliteiten. Naast het feit dat de gekozen plannen betuttelend noch pretentieus zijn, maar de dialoog aangaan, bestaande kaders willen openbreken, een sterk internationale ´scope´ hebben, de mogelijkheid tot integratie in brede zin benaderen en daarbij de kwaliteiten van culturele diversiteit beklemtonen, is het vooral de praktijkgedachte die relevant wordt geacht. De overtuiging van de jury is dat de praktijk van interculturaliteit inhoudt dat je tot een meer radicale notie hiervan moet komen. Het aangaan van samenwerkingsverbanden, het actief inzetten van culturele uitwisseling in stedelijke vernieuwingsprocessen of het feitelijke werkproces - het creëren van nieuw werk; het heeft de mogelijkheid om, anders dan ´rapportmatig´ onderzoek, het imaginaire en concrete samen te brengen.
De jury heeft op basis van het bovenstaande een aantal voorstellen gehonoreerd, die elk op geheel eigen wijze een waardevolle en uitzonderlijke bijdrage kunnen leveren aan de culturele diversiteit binnen de kunsten.
Binna Choi en Kyongfa Che
De jury karakteriseert het plan als een ´diamond in the rock´. Zij waardeert het streven om de dagelijkse jachtige praktijk van de ene tentoonstelling naar de andere, te vervangen door een meer geconcentreerd en gradueel onderzoek naar de rol van curatoren tussen verschillende culturen: ´embarking on curatorial ethics in trans-cultural communication´. Naar idee van de jury is dit waar het om draait binnen de mogelijkheden en de problematiek van kunst binnen andere culturen.
Voor wie verder kijkt dan ´flash art´ zijn er gelukkig ook curatoren en kunstenaars die voor langere tijd een soort dubbel of driedubbel leven leiden binnen verschillende culturen, en die komen tot vragen en twijfels in plaats van sensatie beluste antwoorden. Het plan van Choi en Che raakt aan de problematiek van het intercultureel communiceren dat een historische en inmiddels academische variant heeft. Dit heeft zich ontwikkeld via het bedrijfsleven voordat de wetenschap zich er over boog, en inmiddels zijn er allerlei modellen die teruggaan op een kleine serie basiswaarden waarvan de verschillende interpretaties het verschil met andere culturen maakt. De kunstwereld is zich nog niet voldoende bewust van deze wetenschap en het is de hoogste tijd voor een kruisbestuiving. Binna Choi begeeft zich met haar project binnen een spontaan groeiend internationaal web van jonge curatoren die het interculturele bestaan bewust leven. Er groeit daar kennis die mogelijkerwijs van groot belang is voor de toekomst, maar waar we momenteel nog niet echt aan kunnen komen omdat het veld nog gedomineerd wordt door een andere generatie. Het project onderzoekt hoe kunst reageert op de noodzaak van politieke participatie, in een tijdperk dat steeds meer als ´gedepolitiseerd´ getypeerd kan worden. Het wil de huidige sociale en culturele omstandigheden in zekere zin diagnostiseren én verbeelden, en heeft de mogelijkheid de hedendaagse kunsten te mobiliseren.
Atousa Bandeh Ghiasabadi
Bandeh Ghiasabadi weet volgens de jury op een overtuigende en krachtige manier haar persoonlijke achtergrond en ervaringen te koppelen aan een aantal fundamentele vragen. In hoeverre is kunst een universele taal die onafhankelijk van het individuele begrepen kan worden? En in hoeverre is identiteit te toetsen aan vorm en inhoud van de manier van expressie? Bandeh Ghiasabadi maakt de manier waarop zij de wereld ziet de sleutel tot het maken van kunst. Het onderzoek kan zicht bieden op de rol die de kennis van de context waarin het kunstwerk tot stand is gekomen speelt en leiden tot een herdefinitie van wat een allochtone kunstenaar is. Het onderzoek is naar idee van de jury waardevol omdat het vanuit de kunstenaarspraktijk de dilemma´s en confrontaties van de ´vreemdeling´ als inspiratiebron inzichtelijk kan maken, alsmede de manier waarop een kunstwerk begrepen wordt en verklaringen op zichzelf een nieuwe inhoud creëren.
Jeanne van Heeswijk en Dennis Kaspori
De jury vindt het plan kansrijk, zowel goed in opzet als uitwerking, en daarnaast helder doordacht en onderbouwd. De jury waardeert de ambitie om cultuur in te zetten voor stadsvernieuwing. Van Heeswijk en Kaspori gebruiken terecht het culturele kapitaal en culturele differentiatie als instrumenten voor - ook sociale en economische - revitalisering van een gemeenschap. De jury deelt de analyse van Van Heeswijk en Kaspori dat publicaties zoals ´the Rise of the Creative Class´ van Richard Florida eenzijdig het belang van culturele voorzieningen en culturele productie voor een levendige en welvarende stad benadrukken. In het voorstel van Van Heeswijk en Kaspori wordt de vraag naar culturele uitwisseling breder geformuleerd en ingezet in zowel het stedelijke vernieuwingsproces als dat van de integratie van allochtonen. De kracht van Freehouse is dat het een model is waarin onderwijs en werk de basis vormt voor het stimuleren van het culturele zelfbewustzijn. Het erkent de rol van ´buitenstaanders´ aan de cultuur in algemene zin en reikt hen middelen aan om hieraan actief deel te nemen. Zij worden aangetrokken op hun specifieke kwaliteiten en vaardigheden en leren deze in te zetten in een proces dat gericht is op het creëren van een levendig publiek domein. Het project is gedacht vanuit de basis maar overstijgt het lokale karakter doordat het nieuwe, universele, vormen van werken ontwikkelt en omdat het culturele productie koppelt aan de kracht van verschillende culturele gemeenschappen. Het project is goed ingebed in zowel de wijk, als in de politieke en internationale context. Gezien de bewezen professionaliteit en effectiviteit van de organisatoren verwacht de jury veel van het project.
Ergün Erkoçu/CONCEPT0031
CONCEPT0031 heeft bewezen relevante onderwerpen als moskee-architectuur, asielzoekerscentra en straatcultuur onderwerp van debat te kunnen maken en als architectopgave op de kaart te zetten. Ze weet bovendien de nieuwe generatie (´Gonnabeez´) te betrekken in de architectuurwereld. De denktank NewDutİh, bestaande uit architecten, ontwerpers en kunstenaars, wordt door de jury gezien als een goede manier om op basis van een analyse van de stedenbouw en architectuur in Nederland, gevraagd en ongevraagd aanbevelingen te doen en projecten te initiëren die zowel artistiek, informatief, educatief, als politiek-maatschappelijk van invloed kunnen zijn op de ontwikkeling van het publiek domein. Interessant is onder meer te onderzoeken hoe de culturele immigratie in Nederland en de nieuwe generatie jonge architecten het culturele discours van de architectuur zullen gaan bepalen.
Michael Tedja, Remy Jungerman en Gillion Grantsaan
De jury is onder de indruk van het ´autobiografische´ gehalte van de aanvraag. Tedja, Jungerman en Grantsaan vragen zich af: ´Welke rol kunnen drie geëmancipeerde zonen verwekt in een neokoloniaal verleden vervullen in een maatschappij doordrenkt met een obsessie voor overheersing?´ Naar hun idee staat niet minder dan het recht tot medezeggenschap over de inhoud van de Nederlandse identiteit, kunst en cultuur in het algemeen op het spel. De overtuiging, stelligheid, en kritische houding van de uitgangspunten, gekoppeld aan de frisheid en praktijkgerichte aanpak maken het project naar mening van de jury meer dan het ondersteunen waard.
Eline van der Vlist en Abdellah Karoum
Deze curatoren willen zich richten op het duurzaam ontwikkelen van kunstprojecten tussen Nederland en Marokko. De jury is het eens met het belang dat door de curatoren gehecht wordt aan de zichtbaarheid in Nederland van het eigentijdse kunstklimaat in Marokko. Het hedendaagse culturele klimaat in Marokko is scherp en ontwikkeld genoeg - voorbij stereotypen of folklorisme - om het gebrek aan kennis tussen ´oost´ en ´west´ te overbruggen. Het plan geeft Marokkaanse kunstenaars een kans hun werk in internationaal verband te laten zien, omgekeerd is het van belang dat de Marokkokaanse cultuur wordt opengesteld voor (jonge) kunstenaars uit Nederland. De jury vindt het plan spannend omdat het gedacht is vanuit een interdisciplinaire aanpak, waarbij verschillende vormen van artistieke expressie worden samengebracht in het publieke domein. Het project infiltreert in de stedelijke ruimte, die wordt getransformeerd tot een open en imaginaire plek, een plek van ontmoetingen en hernieuwde kennismaking. De inhoudelijke kracht van het plan, gekoppeld aan de heldere uitgangspunten en beoogde continuïteit van de uitwisseling vindt de jury overtuigend.
jury
De jury bestond uit de Commissie Pilotprojecten van het Fonds BKVB die het project geïnitieerd heeft, aangevuld met een aantal externe leden:
Els van der Plas, directeur van het Prins Claus Fonds (voorzitter)
Mavis Carrilho, directeur van onderzoeks- en adviesbureau I-nova en Internationale Zwarte Zakenvrouw 2005
Raoul de Jong, columnist van onder meer het online jongerenmagazine Spunk en auteur van de romans Stinknegers en Het leven is verschrikkelluk
Johan Pijnappel, kunsthistoricus, publicist en curator van o.m. Crossing Currents-Video Art and Cultural Identity
Engin Celikbas, directeur bij het reclamebureau KesselsKramer
De leden van de Commissie Pilotprojecten van het Fonds BKVB:
Bart de Baere, directeur van het MUHKA te Antwerpen
Nikki Gonnissen, grafisch ontwerper en mede-eigenaar van bureau Thonik
Wouter Vanstiphout, architectuurhistoricus en mede-eigenaar van bureau Crimson
Lex ter Braak, directeur Fonds BKVB
verslaglegging
Steven van Teeseling, Fonds BKVB, december 2006
De jury bestond uit de Commissie Pilotprojecten van het Fonds BKVB die het project geïnitieerd heeft, aangevuld met een aantal externe leden:
Els van der Plas, directeur van het Prins Claus Fonds (voorzitter)
Mavis Carrilho, directeur van onderzoeks- en adviesbureau I-nova en Internationale Zwarte Zakenvrouw 2005
Raoul de Jong, columnist van onder meer het online jongerenmagazine Spunk en auteur van de romans Stinknegers en Het leven is verschrikkelluk
Johan Pijnappel, kunsthistoricus, publicist en curator van o.m. Crossing Currents-Video Art and Cultural Identity
Engin Celikbas, directeur bij het reclamebureau KesselsKramer
De leden van de Commissie Pilotprojecten van het Fonds BKVB:
Bart de Baere, directeur van het MUHKA te Antwerpen
Nikki Gonnissen, grafisch ontwerper en mede-eigenaar van bureau Thonik
Wouter Vanstiphout, architectuurhistoricus en mede-eigenaar van bureau Crimson
Lex ter Braak, directeur Fonds BKVB
verslaglegging
Steven van Teeseling, Fonds BKVB, december 2006
NIEUWS/NEWS
2011.07.06
Boek van Atousa Ghiasabadi genomineerd!
Sideways het boek dat Atousa Ghiasabadi publiceerde als afronding van haar gelijknamige project is genomineerd voor De Best Verzorgde Boeken 2010!
Vanaf 11 juni 2011 zijn De Best Verzorgde Boeken...
2010.06.08
Press release PUBLICATION SIDEWAYS April 2010
In 2007 the artist
Atousa Bandeh Ghiasabadi (1968 Iran) has initiated Sideways, a platform to
reflect on the relation between art, reception and changing contexts. The
discussions that took place...
2010.03.31
Timeline Cultural Diversity
On Saturday 27 March we launched a Timeline
on Cultural Diversity, together with the publication 6(0) Ways... Artistic
Practice in Culturally Diverse Times.
Architect and researcher Amir...
2010.03.29
6(0) Ways...
6(0)
Ways...
Artistic practice in culturally
diverse times
Editors: Lex
ter Braak, Lilet Breddels, Steven van Teeseling
Cover
design: Sander Boon, Paperback, Illustrated (colour), 208...
2010.03.07
OPENING SIDEWAYS AND PRESENTATION 6(0) WAYS...
Sideways
Museum voor Moderne Kunst Arnhem NL
27/3 – 20/6 2010
Atousa Bandeh Ghiasabadi (IR 1968), Katrin Korfmann (D 1971), Sara
Blokland (NL 1969), Nickel van Duijvenboden (NL...
2009.12.03
Michael Tedja bij OBA LIVE
Klik hier om de uitzending te bekijken.
2009.08.19
WAKAMAN in de WARE TIJD
klik hier voor een grotere versie van het artikel in De WARE TIJD
2009.07.05
Eat the Frame in de Volkskrant 03-07-09
2009.06.12
EAT THE FRAME catalogue
As the exhibition was developing, Michael Tedja wrote the fictitious story “Hosselen” (Hustle) (KIT Publishers, ISBN 978 90 6832 791 5). The main character is a young curator busy...
2009.06.02
SLOTPROJECT VAKMANSTAD/FREHOUSE
Persbericht 01-06-2009
Nog 6 dagen tot De Markt van Morgen
Rotterdam, Afrikaanderplein: 7 juni 11.00 - 16.30
52 gerestylde marktkramen, 4 speciaal ontworpen marktkramen, 40...
2009.06.02
EXHIBITION WAKAMAN II
2009.05.05
NEW RELEASE by CONCEPT0031
NEW: THE MOSQUE. POLITICAL, ARCHITECTURAL AND SOCIAL TRANSFORMATIONS
Ergün Erkoçu, Cihan Buğdacı
Design: Studio Léon & Loes, Illustrated (colour), hardcover, 192 pages, Size: 22 x...
2009.04.21
Final project by Multipiste
After the first 'edition' of Roman de La Ville in Marakech Morocco, the novel 'Nomade' by Youssouf Amine Elalamy will be presented in several formats in Rotterdam. For a the full program click...
2009.03.23
Two projects in dialogue by Electric Palm Tree in collaboration with SMBA and Casco
The Demon of Comparisons 28 March – 17 May 2009
Stedelijk Museum Bureau Amsterdam (SMBA)
www.smba.nl
The Antagonistic Link 29 March – 17...
2009.03.09
DRAWING LINES, CONNECTING DOTS
The exhibition Wakaman: Drawing Lines Connecting Dots from 20 February to March 1th in Paramaribo drew a large crowd to Fort Zeelandia, Paramaribo. The exhibition was visited by over 1000 visitors...
2009.03.02
Hosselen
Het laatste boek van Michael Tedja Hosselen is op 5 februari jongsleden gepresenteerd in Amsterdam. Tedja schreef het boek in het kader van het Wakaman project. Voor meer informatie en een radio...
2009.02.01
Programma met tentoonstellingen, debatten en workshops
In de komende maanden worden de verschillende initiatieven die onderdeel zijn van het overkoepelende project Intendanten Culturele Diversiteit afgerond met tentoonstellingen, debatten, workshops en...
2008.12.29
Homer is looking for hosts in Amsterdam!
In Stephen Wilks ongoing project
‘Trojandonkey’, Homer, the life-sized
clothed green donkey travels from
house to house, each time moving on
to someone the previous host can
trust....
2008.12.29
MULTIPISTES Parties 13-17 January
From 13-17 January 2009 all Multipistes curators gather with their projects at Meneer de Wit.
For a full program of all events klick here
2008.11.14
Un Roman dans la Ville
Écriture, Exposition, Workshop et dispositif dans l'espace public.
Klik hier voor een grote afbeelding.
2008.10.17
Sideways in Tehran
The exhibition Sideways from Atousa Bandeh Ghiasabadi wil be on show in Tehran from 24 October-05 November 2008
For the invitation click here
To follow the weblog click this...
2008.09.22
ELECTRIC PALM TREE WORSHOP IN YOGYAKARTA
Electric Palm Tree (EPT)
Open Circuit #1: Yogyakarta
Open Circuit #1: Yogyakarta is a gathering of artists, curators, writers and other cultural producers from different parts of the world,...
2008.07.02
6(0) ways...
- Intro by Lex Ter Braak and Lilet Breddels...
2008.04.28
UITNODIGING 15-16 MEI
Op 15 en 16 mei vond het tweedaags programma van het project 'Intendant Culturele Diversiteit' plaats. Bekijk hier de uitnodiging. U kunt hier het programma downloaden
Sfeerimpressie...
2008.04.27
Urban Game Show van Vakmanstad/Freehouse, 3 mei NAi
Van Heeswijk / Kaspori
Vakmanstad/Freehouse presenteert The Urban Game Show in het NAi op 3 mei
Zaterdagavond 3 mei 2008 vindt in het NAi The Urban Game Show plaats. Een avond vol games,...
2008.02.01
Troyan Donkey van Steven Wilks bij Galerie Paul Andriesse
23/02-29-03-2008
Een van de projecten van Multipistes van Abdellah Karroum en Eline van der Vlist is te zien bij Galerie Paul Andriesse in Amsterdam.
De Troyan Donkey van Steven Wilks reist...
2007.11.20
SLOTDEBAT ROTTERDAM VAKMANSTAD
Emancipatiemachine in de versnelling
21 november 2007, Rotterdam
‘Waar het bij het stedelijk beleid nieuwe stijl in de eerste plaats om moet gaan is simpelweg: hoe helpen we mensen van vlees en bloed zich te ontplooien en hun weg te vinden in de...
2007.09.26
MEMAR.DUTİH, Ergün Erkoçu & Cihan Buğdaci organiseren twee debatten
MEMAR.DUTİH, Ergün Erkoçu & Cihan Buğdaci organiseren twee debatten op 4 en 11 oktober 2007 a.s om 20.00 uur in het NAi te Rotterdam.
Architect Cuypers (1827-1921) speelde een cruciale...
